- reset +
Home

AB-top

 

Xenofanes

 

Ook van Xenofanes is niet precies bekend, wanneer hij leefde. En er is weinig van hem bekend. Maar wat we weten is duidelijk en expliciet. In zijn kritiek op godsdienst en zelfs op de goden was hij in ieder geval een stuk uitgeprokener dan zijn collega-filosofen.

Er kan zeker van hem gezegd worden, dat hij "het natuurgebeuren nog uitdrukkelijker dan zijn voorgangers losmaakt van de willekeurige aanwezigheid van goddelijke personages".(Mansfeld)

Er is een citaat over Xenofanes van Heraclitus, waarin hij overigens nogal afstand neemt; evenals van Pythagoras.

 

"....Naar wijsheid strevende mannen dienen heel veel zaken onderzocht en in hun mars te hebben; maar veel geleerdheid alleen leert nog niet begrip te hebben: anders zou dat wel aan Hesiodus geleerd zijn en aan Pythagoras en verder aan Xenofanes en Hecataeus...."

 

Hij was het oneens met Thales, dat alles uit water zou komen. Ook het apeiron van Anaximander verwierp hij. En met Pythagoras stak hij openlijk de draak.

Wat godsdienst betreft, is hij zonder meer te beschouwen en te beschrijven als een vrijdenker; maar dan één die een half milennium voor christus leefde. Een tweetal citaten:

 

".... Homerus en Hesiodus hebben aan de goden alle dingen toegeschreven, die schandelijk en onterend zijn voor stervelingen: diefstal, overspel en wederzijds bedrog....!"

 

"....De stervelingen menen, dat de goden verwekt zijn, evenals zij. En kleren, een stem en een gestalte hebben, evenals zij !

Ja, als ossen, paarden en leeuwen handen hadden, en kunstwerken konden scheppen, zouden de paarden de goden afbeelden als paarden, de ossen als ossen, en hun lichamen afbeelden overeenkomstig hun eigen aard.

De ethiopiers maken hun goden zwart met stompe neuzen; de thraciers zeggen, dat hun goden blauwe ogen en blond haar hebben....".

 

Pythagoras, die in zielsverhuizing geloofde en in zijn ogen dus veel te religieus was, werd door Xenofanes ronduit belachelijk gemaakt. Hij zei over hem:

 

"....Eens , zegt men, kwam Pythagoras zelf voorbij terwijl iemand een hond sloeg. Houdt op ! riep hij uit. Sla het dier niet ! Het is de ziel van een vriend ! Ik herkende hem, zodra ik zijn stem hoorde !...."

 

 

04 Xenofanes